Drones in de bouw, met camera en sensoren aan boord, doen drie dingen. Ze inspecteren plekken waar je anders een steiger of hoogwerker voor nodig hebt, ze meten het terrein in en ze leggen de voortgang en de veiligheid op de bouwplaats vast.
Zakelijk vliegen vraagt een exploitantnummer en een vliegbewijs van de RDW. Voor de specifieke categorie komt daar de ILT bij (stand oktober 2026).
Inspecteren zonder steiger of hoogwerker
Een dak of een gevel inspecteren betekende lang: steigers bouwen, een hoogwerker huren of met touwen werken, met het valgevaar dat daarbij hoort. Met een drone blijft de piloot op de grond en komt de camera op de plek die je wilt zien (bron: PlanGarant).
Er zijn ook drones met een thermische camera en gps aan boord (bron: Buildwise). Met een warmtebeeld zie je waar een gebouw warmte lekt, wat helpt bij het plannen van onderhoud en verduurzaming (bron: ABN AMRO, 2022).
Inmeten en 3D-modellen van het terrein
Een drone helpt ook bij het maken van 3D-modellen van het terrein (bron: Buildwise). Ballast Nedam zette bij de Blankenburgverbinding (A24) een drone in voor de maatvoering, gevlogen door eigen medewerkers met de hoogste Nederlandse dronecertificaten (bron: Ballast Nedam, 2022).
Een drone levert veel ruwe data op. Volgens ABN AMRO is het verwerken van die data tot bruikbare informatie een onmisbare stap. Die stap zet je in de bouwsoftware waarmee het projectteam werkt. Binnen een gebouw in aanbouw doen inspectierobots iets vergelijkbaars: zij meten de voortgang af tegen het BIM-model (bron: ABN AMRO, 2022).
Toezicht op voortgang en veiligheid
Op de bouwplaats zelf geeft een drone in één vlucht overzicht. Volgens het rapport van ABN AMRO uit 2022 gebruiken bouwers drones onder meer om:
- de bouwveiligheid te controleren, bijvoorbeeld op struikelgevaar;
- voorraden bouwmateriaal te tellen;
- gassen en fijnstof te meten;
- de bouwplaats te bewaken tegen diefstal.
Inspectiedrones en inspectierobots vormden in dat rapport de grootste en snelst groeiende groep van alle bouwrobots. Daarmee horen drones bij de toepassingen van digitalisering in de bouw die het hardst groeien.
Filmen op een bouwplaats raakt wel aan de privacy van medewerkers en omwonenden. De Rijksoverheid is daar duidelijk over: je filmt alleen mensen die toestemming geven (bron: Rijksoverheid).
Regels voor drones in de bouw
De regels zijn Europees, maar in Nederland heb je met twee instanties te maken: de RDW registreert exploitanten en vliegbewijzen en de ILT gaat over de specifieke categorie. Dit is de stand van oktober 2026:
- Exploitantnummer: ben je eigenaar van een drone met camera of van 250 gram of meer, dan registreer je je bij de RDW. Een bedrijf doet dat met eHerkenning en moet in het handelsregister van de KVK staan. Eén nummer geldt voor al je drones (bron: RDW).
- Vliegbewijs: vanaf 250 gram heeft de piloot een vliegbewijs nodig. Daarvoor legt hij een online examen af bij een erkende Nederlandse vliegschool. Het vliegbewijs bestaat voor de subcategorieën A1/A3 en A2 en voor de standaardscenario’s (STS). Het is vijf jaar geldig (bron: RDW).
- Open of specifiek: in de open categorie heb je geen toestemming van de ILT nodig. Kun je een of meer regels van de open categorie niet naleven of weegt de drone 25 kilo of meer, dan valt de vlucht in de specifieke categorie (bron: Rijksoverheid). Vlieg je dan volgens een standaardscenario, dan dien je vooraf een exploitatieverklaring in bij de ILT (bron: ILT). Anders vraag je een exploitatievergunning aan, met onder meer een risicobeoordeling en een bewijs van verzekering (bron: ILT).
- Verzekering: voor particulieren is een verzekering verplicht vanaf een drone van 20 kilo. Een verplichte verzekering voeg je toe aan je exploitantgegevens bij de RDW. Ook als het niet verplicht is, raadt de RDW aan om schade aan derden te verzekeren en te controleren of je aansprakelijkheidsverzekering drones dekt (bron: RDW).
- Locatie: controleer voor elke vlucht of je op die plek mag vliegen. Land direct als er ander vliegverkeer of een traumahelikopter in de buurt komt (bron: Rijksoverheid).
Zelf vliegen of een piloot inhuren
Een bouwbedrijf dat vaak dezelfde soort vlucht maakt, zoals voortgangsbeelden of maatvoering, kan medewerkers zelf laten opleiden. Een inspectie van een complex dak vraagt een uitgewerkt vluchtplan en een piloot met de juiste certificaten (bron: PlanGarant). Dan ligt het inhuren van een piloot meer voor de hand. Valt de vlucht in de specifieke categorie, dan komt daar de verklaring of vergunning van de ILT bij. Begin daarom bij de vraag welke informatie je uit de lucht nodig hebt. Daaruit volgt welke drone, welk vliegbewijs en welke toestemming erbij horen.

